Hoe Jörgen blijft groeien, ook in moeilijke tijden
Van fabriek naar Schiphol
Jörgen begon al jong met werken. Op zijn zeventiende werkte hij in een metaalfabriek. Zijn vrouw was zwanger en hij verdiende te weinig. Via zijn moeder hoorde hij dat ze glazenwassers zochten op Schiphol. Daar kon hij meer verdienen, dus hij pakte die kans. In het begin moest hij wennen. Schiphol was groot en druk. “Ik vond het eerst helemaal niks,” zegt hij eerlijk. “Maar ik ben eraan gewend geraakt.” Nu zegt hij trots: “Schiphol is mijn plek. Ik wil hier niet meer weg.”
Trots op Vebego
Laatst vierde Jörgen zijn 25-jarig jubileum op Schiphol. Hij wil nog jaren blijven werken. Maar hij heeft wel een duidelijke voorwaarde. “Ik ben de glazenwasser van Vebego. Als Vebego hier weggaat, ga ik ook weg.” Volgens Jörgen maakt het bedrijf echt verschil. “Een directeur loopt hier niet zomaar langs je heen. Hij geeft je een hand en vraagt hoe het gaat. Ook oud-directeuren kennen je nog. Dat zie je niet overal. Bij Vebego ben je geen nummer, maar een mens.”
Een moeilijke periode
Dat merkte Jörgen vooral toen hij vorig jaar ernstig ziek werd. Hij had pijn in zijn been en hoge koorts. Later bleek dat hij acute leukemie had. Dat was een zware tijd. Zijn vrouw was er steeds voor hem. Haar werk gaf daar gelukkig ruimte voor. Ook zijn collega’s steunden hem. “Ik ken veel collega’s al meer dan 25 jaar. Het zijn vrienden geworden. Ik kreeg veel kaartjes, berichten en bloemen. Ook van leidinggevenden. Dat deed me goed.” Hij bleef betrokken bij zijn werk. “Mijn team deed het geweldig. Daar ben ik trots op.”
Weer vooruitkijken
Gelukkig is Jörgen nu beter. Hij werkt aan zijn herstel met fysiotherapie en training. “Ik zit niet graag stil,” zegt hij. “Ik wil weer vooruit.” Samen met zijn vrouw maakt hij plannen. Een reis die eerder niet doorging, willen ze nu alsnog maken. “Door werk kun je leven zoals je wilt. Ik heb een mooi gezin, heb gereisd en fijne collega’s. Dat komt ook door mijn werk.”
Blijven groeien
De ziekte heeft hem wel veranderd. “Ik maak me minder druk. Ik weet beter wat echt belangrijk is.” Als voorman wil hij zijn collega’s helpen. “Ik wil dat ze beter worden en zelfstandig kunnen werken. Ik heb zelf ook kansen gekregen om te groeien. Die wil ik doorgeven.” Zijn advies is duidelijk: “Wacht niet tot je pensioen. Zoek werk dat bij je past en dat je leuk vindt. Dan houd je het vol en heb je er plezier in.”